Waarom ik soms op en neer spring

Aan de hand van 58 vragen, vertelt de zwaar autistische Naoki Higashida zijn verhaal.

Vraag 13 Zijn jullie het liefst op jezelf?

‘O, maak je om hem maar geen zorgen, hij is het liefst op zichzelf.’
Hoe vaak hebben we dat al niet gehoord! Ik kan me niet voorstellen dat iemand die als mens geboren is echt het liefst alleen gelaten wordt. Nee, wat ons, mensen met autisme, dwarszit, is dat we jullie zo veel last bezorgen, of jullie op de zenuwen werken. Dáárom is het voor ons moeilijk om bij jullie in de buurt te zijn. Daardoor zijn we uiteindelijk zo vaak alleen.

In werkelijkheid willen we dolgraag bij andere mensen zijn. Maar doordat alles altijd maar weer fout gaat, raken we eraan gewend om alleen te zijn, zonder dat het ons nog opvalt dat het gebeurt. Telkens wanneer ik iemand hoor zeggen dat ik zo graag op mezelf ben, geeft me dat een intens eenzaam gevoel. Dan is het net alsof ze me opzettelijk de rug toekeren.

Uit: ‘Waarom ik soms op en neer spring’ van Naoki Higashida

Waarom ik soms op en neer spring

Share

De autisme survivalgids

In dit boek voor normaal begaafde kinderen met autisme van 8 tot 12 jaar staan ook nuttige tips voor volwassen Aspergers, zoals deze:

Hoe overleef ik de druk van de klok?

  • Blijf in de eerste plaats rustig.
  • Maak vooraf een plan. Ga rustig zitten en bedenk even wat je allemaal moet doen. Zet die activiteiten op de juiste volgorde en denk na hoeveel tijd je ongeveer nodig hebt. Dat ‘ongeveer’ is heel belangrijk: dit woord geeft immers aan dat je ook iets meer of iets minder tijd mag gebruiken.
  • Vraag iemand of je planning klopt.
  • Gebruik een time timer horloge.
  • Denk eraan dat bijvoorbeeld opruimen na een taak ook tijd kost.
  • En wat als het toch niet lukt om iets af te krijgen binnen de tijd die je hebt gekregen? Dat is geen ramp. Bekijk wanneer je het wel kunt doen. Of bespreek het met iemand die je hierbij kan helpen.

Uit De autisme survivalgids van Luc Descamps in samenwerking met Autisme Centraal

Share

Als brein bedriegt

Normaal begaafde mensen met autisme (voorheen Asperger genoemd) stellen ons nog meer dan mensen met een verstandelijke handicap en autisme voor raadsels.

Vooral hun goede intelligentie zet ons geregeld op het verkeerde spoor. We worden verblind door hun vele woorden, hun puike prestaties op welbepaalde gebieden, hun actieve manier van contactname, hun fantasiespel. Achter de façade van een bijna encyclopedische kennis en een innemende welsprekendheid zit echter een individu voor wie de wereld een onoverzichtelijk en onbegrijpelijk schouwspel is. Met hun intelligentie compenseren normaal begaafde mensen met autisme hun armoede aan gezond verstand en sociale intuïtie en camoufleren ze hun tekortschieten. Dat doen ze niet om ons opzettelijk beet te nemen of om ons te misleiden. Het is hun enige manier om te proberen te overleven in een wereld die niet op hun maat is gesneden. Maar door de compensatie en camouflages zien we weinig van hun echte problemen. Door hun intelligentie wekken ze de indruk beter te functioneren dan de anderen met autisme. Maar brein bedriegt.

Uit de inleiding van Brein bedriegt van Peter Vermeulen

Share

Marcelo en de echte wereld van Francisco X. Stork

 

“Als mensen vertellen dat iemand uit hun familie gestorven is, hoor je te zeggen dat je dat erg vindt.”

 Een fascinerende blik in het hoofd van de zeventienjarige Marcelo met het syndroom van Asperger die worstelt met zijn mogelijkheden en beperkingen. Zo heeft hij moeite om gevoelens te uiten of bij anderen te interpreteren. Marcelo’s extreme ordeningsdrang, zijn ontwapenende eerlijkheid en de vreemde dialogen vervolledigen het beeld van iemand met Asperger. Taal en vooral uitdrukkingen vormen voor Marcelo een struikelblok. Hij sluit zich af en luistert graag naar de muziek in zijn hoofd.

Zijn vader vindt het tijd om de echte wereld te betreden. Marcelo bedenkt:
“Je aan de regels van de echte wereld houden, betekent:
• Zomaar een praatje maken met anderen mensen.
• Mijn mond houden over mijn speciale interesses.
• Mensen aankijken en een hand geven.
• Dingen ‘uit de losse pols’ doen.
• Naar plaatsen gaan die ik niet ken.”

‘Maak je niet ongerust,’ zegt de vader sussend, ‘we beginnen rustig aan. De echte wereld zal je heus geen kwaad doen.’

Voortdurend ligt het gevaar op de loer dat Marcelo door de echte wereld wordt verzwolgen. Hoe trek je een veilig schild op zonder dat je iedereen en alles op afstand houdt?

Samen met Marcelo ontdekt de lezer in dit boek de harde wetten van het advocatenkantoor, waar gewiekste juristen schaamteloos een firma verdedigen die de verantwoordelijkheid van haar falen uit de weg gaat en weigert de slachtoffers eerlijk te vergoeden. Voor het eerst wordt Marcelo geraakt door het lot van een ander mens. Hij staat voor de moeilijkste keuze in zijn leven. Moet hij doorgaan met zijn werk alsof hij nergens iets van weet, of de echte wereld betreden en tegen zijn vaders rechtszaak ingaan?

Share